Longonderzoek

Cees is afgelopen vrijdag voor nog een onderzoek naar het VU ziekenhuis geweest. Hij heeft het benauwd. De arts vertelde dat Cees long-fibrose heeft, nader onderzoek volgt.

Willem: “En hoe is het onderzoek gegaan?”

Cees: “Wij hebben een uur gepraat. De dokter wilde van alles weten, zoals over mijn werk van vroeger en of ik dieren heb.”

Willem: “En?”

Cees: “Ik zei dat ik geen dieren in huis heb, maar wel een olifant in de tuin.”

Willem: “Heb je hem weer!”

Cees: “Vroeger hadden wij volières, duiven en kippen. De dokter zegt dat zulke beesten niet goed voor mij zijn.”

Willem: “Waarom niet?”

Cees: “De veren zorgen er voor dat ik het benauwd kan krijgen. Maar weet je in Nieuw-Zeeland heb ik nog met tortelduiven zitten vrijen, kusjes geven, enzovoorts.”

Willem: “Een hond in huis mag dat wel?”

Cees: “Ze zegt van wel, maar ik vertelde de dokter dat ik vaak naar Het Twiske ga om naar de koeien te kijken.”

Willem: “Ik dacht het al, jij bent natuurlijk een koeienknuffelaar.”

Cees: “Denk je dat het niet door mijn briljante intelligentie kan komen?”

Willem: “En dat gaat nou mijn verstand te boven.”

Cees: “Ja, ik had het niet anders verwacht.”